<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<rss version="2.0"
    xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
    xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
    xmlns:admin="http://webns.net/mvcb/"
    xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#"
    xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/">
    <channel>
    <title>deReactor &#45; laatste kritieken</title>
    <link>http://www.dereactor.org/</link>
    <description></description>
    <dc:language>nl</dc:language>
    <dc:rights>Copyright 2012</dc:rights>
    <dc:date>2012-05-11T09:01:13+00:00</dc:date>
    <admin:generatorAgent rdf:resource="http://expressionengine.com/" />
 
 
    <item>
        <title>De wereld is een perverse veelhoek</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/de_wereld_is_een_perverse_veelhoek/</link>
        <description>Over De leeuwenjager en Manet van Olivier Rolin.        Vertaling en nawoord door Katelijne De Vuyst       ‘Eigenlijk ziet hij eruit alsof hij, ergens op een dorpskermis, zijn hoofd heeft gestoken in een gat van een decor waarop een naïeve voorstelling van een leeuwenjacht afgebeeld staat.’ Zo beschrijft Olivier Rolin de met een volle walrussensnor en brede bakkebaarden getooide leeuwenjager die in 1881 door Édouard Manet werd vereeuwigd onder de titel Monsieur Pertuiset, Le Chasseur de Lions. De avonturen van Eugène Pertuiset staan centraal in Rolins laatste, door Katelijne De Vuyst vertaalde roman De leeuwenjager en Manet. Zoveel is duidelijk, helemaal serieus kan Rolin het model niet nemen. Pertuiset heeft ‘het uitdrukkingsloze gezicht van een bruut — of het moet zijn dat het nogal primitieve gevoelens uitdrukt, met de onaangenaam verraste, vagelijk uitdagende blik, zo van “de eerste die in de buurt komt, knal ik neer”.’ Mij doet Pertuisets glazige gelaatsuitdrukking eerder denken aan die van een alcoholist — Rolin omschrijft Pertuiset ergens treffend als een ‘boertige kroegbaas’; de&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Roman</dc:subject>
    	<dc:date>2012-05-11T08:01:13+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Rokus Hofstede</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Roerloos aaneengelaste profeten</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/roerloos_aaneengelaste_profeten/</link>
        <description>Over stormen, olielekken, motetten van Xavier Roelens.       Drievoeter, viervoeter ‘Ik sta met twee voeten in de poëzie en met een derde in de wereld,’ schijnt Geoffrey Chaucer eens te hebben opgemerkt. Het is een uitspraak die dichter en Kluger Hans&#45;hoofdredacteur Xavier Roelens (1976) zo aansprak, dat hij haar als motto opnam in zijn debuutbundel er is een spookrijder gesignaleerd (2007). Chaucers vermeende woorden passen Roelens’ poëzie ook wel: daarin is een dichter aan het woord die taal en werkelijkheid zeer dicht op elkaar betrekt, en die tegelijkertijd een bombastisch vormexperiment opzoekt dat de indruk wekt dat er echt iemand met drie voeten aan het woord is. Als iemand eens had gesteld dat hij ook met een vierde voet in de wereld stond, dan had Roelens dat citaat ongetwijfeld als motto voor zijn nieuwe bundel stormen, olielekken, motetten opgevoerd. Vijf jaar na zijn debuut lijkt diens poëzie immers nog sterker geëngageerd geworden, zoals ook de parateksten die de&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Poëzie</dc:subject>
    	<dc:date>2012-05-09T09:55:56+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Jeroen Dera</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>De minimumutopie</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/de_minimumutopie/</link>
        <description>Over As Consciousness is Harnessed to Flesh. Diaries 1964 &#45;1980 van Susan Sontag.       Wrede partner Is het mogelijk om over een dagboek te oordelen? Zijn de dagboeken van Franz Kafka beter dan die van Sylvia Plath? Een dagboek is geen kunstwerk: de esthetische constructie overstijgt het niveau van de zin meestal niet. Een dagboek kan niet bedacht of ‘overdacht’ zijn; als het dagboek herschreven wordt (met het oog op een lezer) is het niet echt meer. Een dagboek wordt gelezen en is interessant omdat het eigenlijk niet gelezen mag worden. En wat men niet lezen kan, daarover moet men niet schrijven. Misschien kan een dagboek alleen maar worden gelezen door iemand die geen lezer is, of althans geen goede lezer. Een dagboek moet worden beoordeeld zoals een dagboek geschreven wordt – dat wil zeggen: met alleen zichzelf voor ogen. Zoals de dagboekschrijver over zijn eigen schouder meeleest – Elias Canetti sprak van een ‘dialoog met de wrede partner’ – zo kan de dagboeklezer&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Dagboeken</dc:subject>
    	<dc:date>2012-05-02T10:29:29+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Christophe Van Gerrewey</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Het vacuümgetrokken verhaal</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/het_vacuuemgetrokken_verhaal/</link>
        <description>Over Ezels van Sanneke van Hassel.       Over het korte verhaal wordt vaak gesproken alsof het om een bedreigde diersoort gaat. Uitgevers zouden auteurs afraden korte verhalen te schrijven, want verhalenbundels verkopen slecht. Niemand leest nog korte verhalen, buiten een klein publiek dat geïnteresseerd is in writer’s writers. Als je de pers moet geloven, is het korte verhaal het zieke zeehondje van de literatuur. Het korte verhaal is geen vanzelfsprekend begin meer van een literaire carrière. In de jaren zeventig debuteerden de meeste schrijvers, van Jan Siebelink tot A.F.Th. van der Heijden, met verhalenbundels die door de toenmalige critici werden bekeken als een toelatingsexamen. En daarna debuteerde een schrijver opnieuw met zijn eerste roman. In het huidige literaire markt is daar nauwelijks tijd voor. Wie niet snel doorbreekt moet plaats maken voor nieuwe kanshebbers, en niemand breekt door met korte verhalen. Ook is het de vraag of het korte verhaal wel zo’n goede leerschool is voor romanschrijvers&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Verhalen</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-26T10:10:31+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Herman Stevens</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Vliegende kristallen</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/vliegende_kristallen/</link>
        <description>Over Kristalman van Atte Jongstra.       In 1985 publiceerde Atte Jongstra zijn eerste boek, De multatulianen, een schalkse studie over ‘125 jaar Multatuli&#45;verering en Multatuli&#45;hulde’. Eduard Douwes Dekker, zoals Multatuli eigenlijk heette, is, samen met Laurence Sterne, Michel de Montaigne en Willem Brakman een van de naaste literaire verwanten van Jongstra. In Familieportret (1996) kreeg Multatuli met ‘de caleidoscopische roman’ Millioenen&#45;Studiën een afzonderlijk hoofdstuk; in De psychologie van de zwavel (1989) beschreef Jongstra het sterven van Multatuli als ‘Trage zelfmoord’ en in De tegenhanger (2003) verwerkte hij de onderwereld die Multatuli, alweer in Millioenen&#45;Studiën, had beschreven. Het is duidelijk: Multatuli is een reus in de wereld van Jongstra. Bonte bouw Rond Millioenen&#45;Studiën heeft Jongstra een bont boek gebouwd, waarin hij sommige van zijn oudere stukken herschrijft, maar vooral veel nieuwe invallen, inzichten en hypothesen formuleert in de hem kenmerkende stijl: speels, aanstekelijk, virtuoos en met een grote persoonlijke betrokkenheid. Wat een grillige verzameling lijkt,&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Essays</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-24T10:06:17+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Bart Vervaeck</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Eindelijk, toch, opnieuw</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/eindelijk_toch_opnieuw/</link>
        <description>Over De weg naar Egypte van Gertrude Starink.       Gertrude Starinks De weg naar Egypte is een van die literaire meesterwerken waar u misschien wel eens van heeft gehoord, maar dat u wellicht nog nooit hebt gelezen. Weinig lezers lijken deze gedichtencyclus in vijf bundels, ontstaan tussen 1970 en 2000, van kop tot staart tot zich genomen te hebben. Nu brengt het balanseer De weg naar Egypte voor het eerst in één band uit. Het is een passende keuze voor een uitgeverij die dwars tegen de tijdgeest in ‘onmodieuze’ auteurs blijft uitgeven als Willy Roggeman en C.C. Krijgelmans of hedendaagse experimentelen als Harry Vaandrager of Pol Hoste. Voor hen die Starinks werk nog niet kenden is dit boek een prachtige kennismaking. Wie ooit een fragment van het boek las en het maar niks vond, doet er goed aan het toch nog te proberen. En de liefhebbers hebben een reden om het boek opnieuw te lezen, nu&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Poëzie</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-18T07:56:11+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Laurens Ham</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Gedichten uit het gevang</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/gedichten_uit_het_gevang/</link>
        <description>Over Celinspecties van Ester Naomi Perquin.       Plaats delict In 2007 was in FOAM de omstreden expositie ‘Plaats Delict’ te zien. Daarin werden vijfendertig niet eerder openbaar gemaakte foto’s vertoond van Amsterdamse politiefotografen uit de periode 1965&#45;1985, waarop plaatsen delict stonden afgebeeld: plekken waar een lijk is aangetroffen, een ongeluk gebeurde of een brand woedde. De foto’s fungeren als situatieschets of bewijslast, maar binnen een museale context bleken ze ook een soort mysterieuze esthetiek te bezitten. Zo herinner ik mij een – op zichzelf prachtige – foto van twee witte, bebloede damespumps op het asfalt ergens in Bos en Lommer, die ik met een mengeling van afschuw en fascinatie heb bekeken. Die afschuw laat zich vanuit medemenselijk en ethisch opzicht eenvoudig verklaren. Maar waar komt dat snuifje fascinatie vandaan, die ‘passie voor het reële’, waardoor onze blik, die we eigenlijk willen afwenden, blijft haken aan het schandaal? Waarom gaan we zo schaamteloos in op&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Poëzie</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-16T10:01:48+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Arnoud van Adrichem</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Signalering: briefwisseling Elburg&#45;Schuur</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/signalering_briefwisseling_elburg-schuur/</link>
        <description>Over Een halve eeuw vriendschap: Twee Vijftigers in brieven 1943&#45;1992 van Jan G. Elburg en Koos Schuur.        Bezorgd door Siem Bakker       1. Oké, Jan G. Elburg (1919&#45;1992) is niet erg bekend meer, maar Koos Schuur (1915&#45;1995) is het waarschijnlijk nog minder. Nochtans trokken een aantal van zijn gedichten rond 1950 voldoende de aandacht om hem een plaats te bezorgen in Vinkenoogs Atonaal (1951) en in Van Vrieslands Spiegel van de Nederlandse poëzie (1954), en ik vind het nog altijd de moeite in Schuurs bundels te bladeren. Elburg en Koos ontmoetten elkaar in 1943, werkten samen in het tijdschrift Het Woord, en bleven bevriend tot Elburgs dood. Van 1951 tot 1962 woonde Schuur in Australië, en vooral uit het begin van die periode zijn veel brieven van hem (niet van Elburg) bewaard; de toen behoorlijk ongelukkige emigrant beperkte zich niet tot mededelingen en klachten, maar ontwikkelde een soort ontregeld bewustzijnsstroomproza. Het kwam gauw tot een gedeeltelijke bundeling van zijn bijzondere epistels (En de kookaburra lacht…, 1953/1966). In de jaren zestig en zeventig&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Brieven</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-13T10:54:02+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Joris Note</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Het huis als kaartenhuis</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/het_huis_als_kaartenhuis/</link>
        <description>Over Bullet Park van John Cheever.        Vertaald door Guido Golüke       Wie de treinen wil tellen die door John Cheevers verhalen en romans denderen en die de ogenschijnlijk vredige buitenwijken en tuinsteden met de Grote Metropool (New York) verbinden, raakt al snel de draad kwijt. Die pendeltreinen van en naar suburbia waarin Cheevers onevenwichtige en met de drank worstelende kantoorforensen elke dag stappen verbeelden niet alleen de vooruitgang en het monster dat beschaving heet, ze vormen ook een reddingsboei voor zijn ploeterende personages die eeuwig geldgebrek lijden. Tegelijkertijd vergroot die trein, die de sleur van de dagelijkse regelmaat verbeeldt, de anonimiteit of de vervreemding van zijn passagiers. Cheevers roman Bullet Park (1969) begint, zo lijkt het, met een hommage aan het treinstation in de tuinstad Bullet Park. De bewoners van Bullet Park doen dan wel alsof ze in hun buitenwijk zijn geworteld, alsof ze er nooit zijn aangekomen, de werkelijkheid is anders. &#8216;Hun komst of vertrek ging meestal gepaard met chaos&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Roman</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-11T08:09:40+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Graa Boomsma</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Rode en blauwe inkt</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/rode_en_blauwe_inkt/</link>
        <description>Over Het licht van Jeroen van Rooij.       Het is opmerkelijk hoe goed de personages het met elkaar menen in Het licht, de tweede roman van Jeroen van Rooij (1979) – en hoe weinig goeds ze nog van de wereld verwachten. Al op de eerste bladzijde zegt de wij&#45;verteller (die spreekt voor een groepje van zes vrienden):  Het was vandaag Lucy’s naamdag, en dat wilde ze vieren met ons. Wij hadden speciaal voor haar iets bijzonders voorbereid, iets om nooit te vergeten. We hebben haar een licht laten zien, zoals ze het nog nooit gezien had. We hebben haar een lichaam gegeven dat zich niets hoefde aan te trekken van de wetten waaraan haar echte lichaam gehoorzamen moest. Wij zijn haar vrienden en haar geliefden geweest. We hebben haar in onszelf opgenomen en zijn diep in haar doorgedrongen. Los van de vraag of de betekenis van die even diepe als collectieve penetratie kan worden achterhaald is de&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Roman</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-10T09:43:41+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Christophe Van Gerrewey</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Een boek suggereert een conversatie</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/een_boek_suggereert_een_conversatie/</link>
        <description>Over Open stad van Teju Cole.        Vertaald door Paul van der Lecq       De debuutroman van de Nigeriaans&#45;Amerikaanse schrijver en fotograaf Teju Cole heeft zijn entree niet gemist. Vrijwel meteen bij zijn verschijnen kwam de internationale pers woorden te kort om de lof te zingen van dit plotloze boek, geschreven door een vrijwel onbekende auteur. Het is daarbij opmerkelijk dat precies de losse vertelstructuur van Open stad zo in de smaak valt bij de Amerikaanse recensenten. Met zichtbaar gemak wordt het ‘kill your darlings’&#45;dogma van grootmeester Hemingway in dit geval bij het grof vuil gezet en het succesvolle credo ‘De plot en niets dan de plot, zo helpe ons God’ dat boven het bed van menig Amerikaans schrijver hangt, geldt niet meer als maatstaf in de besprekingen van Open stad.  Om met de deur in huis te vallen: Open stad is een grandioze roman die zich paragraaf na paragraaf steeds dieper onder de huid van de lezer nestelt. Open stad is een&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Roman</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-05T10:16:02+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Jan Pollet</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Professor Fennema en de Nederlandse politiek</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/professor_fennema_en_de_nederlandse_politiek/</link>
        <description>Over Van Thomas Jefferson tot Pim Fortuyn. Balans van democratie van Meindert Fennema.       D: Meindert Fennema heeft een nieuw boek uit, een bewerking van een handboek politicologie, met extra hoofdstuk over de opkomst van het populisme. Jij hebt Fennema toch een tijdje terug ontmoet? M: Klopt. Ik zat pas nog met hem aan tafel in een debat, waar hij losging op Dick Pels en wat hij de Anne Frank&#45;maffia noemde. Dick Pels stelde voorzichtig dat Fennema zijn Geert Wilders&#45;biografie wat al te vergoelijkend had geschreven. Waarop Fennema met rood aangelopen gezicht fuck you! schreeuwde. D: Heftig, en toen? M: Fennema beweerde met zoveel woorden dat mensen als Dick Pels en de Anne Frank Stichting een politiek correcte meningenmaffia vormen, die het vrije woord verstikt onder een deken van censuur. De boel werd gesust en we dronken na afloop nog een biertje bij café De Zwart, waar iedereen net deed alsof er niets was gebeurd.  D: Dat is toch wel frappant, als je&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Non&#45;fictie</dc:subject>
    	<dc:date>2012-04-03T08:33:23+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Merijn OudenampsenDaniël Rovers</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Dingen die langer duren dan mensen</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/dingen_die_langer_duren_dan_mensen/</link>
        <description>Over Grip van Stephan Enter.       ‘Nergens lijkt de wereld zo groots en aanlokkelijk als vanuit een internationale trein.’ Dat zegt Norbert over zijn jaarlijkse vakantiereizen als tiener in Stephan Enters roman Spel (2007). Nergens – behalve misschien in de herinnering aan die reisjes, die eveneens bestaat uit een caleidoscopisch beeld. Ook de wereld die Enter ons voorzet in Grip (2011), zijn nieuwste roman, is vooral de moeite waard door de herinnering. De uiterlijke gebeurtenissen zijn niet spectaculair, het is de doorwerking van het verleden die voor dynamiek zorgt. En ook hier worden de herinneringen mede opgewekt door een trein die als een soort tijdmachine fungeert. Paul en Vincent, twee veertigers die elkaar kennen uit hun studententijd, reizen per trein naar een reünie. De roman, die de reisdag beschrijft, heeft iets van een kreeftengang: de hoofdfiguren zijn op weg naar hereniging, terwijl het verleden zich steeds krachtiger opdringt. En waar dat reisdoel omzien in de&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Roman</dc:subject>
    	<dc:date>2012-03-29T10:20:37+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Harold van Dijk</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Signalering: Dit nog, ook dit</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/signalering_dit_nog_ook_dit/</link>
        <description>Over Dit nog, ook dit. Essays over poëzie en proza van Wiel Kusters.       Soms kan de flaptekst de lectuur van een boek op voorhand verpesten. Dat overkwam mij bijna bij Dit nog, ook dit. Essays over poëzie en proza van dichter en hoogleraar algemene letterkunde Wiel Kusters (1947). De blurb rept over ‘de teloorgang van het literaire essay’, waarvoor in kranten en tijdschriften steeds minder ruimte zou bestaan. Ik geef de achterflapschrijver zo’n beetje gelijk wat de kranten betreft, maar het is onzinnig om te stellen dat tijdschriften als pakweg De Gids, DWB, nY en Parmentier geen plaats meer inruimen voor diepgravende, interpreterende stukken over gedichten en verhalen. Het omgekeerde is het geval: literatuurperiodieken ontlenen een deel van hun bestaansrecht nu juist aan het literaire essay van de langere adem.  ‘Bijna’, schreef ik, want de inhoud van dit boek, die bestaat uit niet eerder gebundelde essays en artikelen uit de jaren 1993&#45;2009 en een ongepubliceerd essay uit 2011, maakt veel goed. Kusters&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Essays</dc:subject>
    	<dc:date>2012-03-20T10:20:16+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Arnoud van Adrichem</dc:creator>
    </item>

    <item>
        <title>Signalering: Het principe verantwoordelijkheid</title>
        <link>http://www.dereactor.org/home/detail/signalering_het_principe_verantwoordelijkheid/</link>
        <description>Over Het principe verantwoordelijkheid van Hans Jonas.       Het principe verantwoordelijkheid van Hans Jonas (1903&#45;1993), na 32 jaar eindelijk in vertaling verschenen, is zeker voor de huidige tijd met zijn toenemende ecologische problematiek (stiefmoederlijk bedeeld in de actualiteit, maar daarmee niet minder dreigend) een belangrijk boek. Zonder scherpslijperij analyseert de Duitse filosoof hoe de mensheid de bedreiging die zij stilaan voor de natuurlijke wereld, en daarmee voor zichzelf vormt, tegemoet zou moeten treden. Zijn uitgangspunt ligt bij een pessimisme dat steeds het grootste gevaar durft te denken, zonder daarbij echter iets af te doen aan een door Jonas zorgvuldig blootgelegde categorische imperatief: dat er een mensheid moet bestaan. Uit zulke omzichtige bezorgdheid bestaat de verantwoordelijkheid die een politicus op zich heeft te nemen, als was hij de ouder van degenen die aan hem zijn toevertrouwd.  Een flinke sectie van het boek bestaat uit een scherpe analyse van zowel het kapitalisme als, vooral, het marxisme. Die twee nazaten&#8230;
        </description>
        <dc:subject>Filosofie</dc:subject>
    	<dc:date>2012-03-19T11:29:26+00:00</dc:date>
        <dc:creator>Lucas Hüsgen</dc:creator>
    </item>

    </channel>
</rss>
