cover big

Signalement: Uit & thuis – Karl Ove Knausgård & Fredrik Ekelund

Siebe Bluijs

Over Uit & thuis. Over voetbal, vriendschap en andere zaken van levensbelang van Karl Ove Knausgård & Fredrik Ekelund (vert. Maud Jenje & Sofie Maertens)

De Geus, Breda, 2016,
ISBN 9789044534917 / 384p.

(0) reactie(s) - geplaatst op 20-10-2016

Bookmark and Share

Tijdens het wereldkampioenschap voetbal in Rio de Janeiro in 2014 schrijven de Noorse bestsellerauteur Karl Ove Knausgård (1968) en zijn Zweedse collega Frederik Ekelund (1953) elkaar brieven. Knausgård volgt de wedstrijden vanuit zijn huis in Skåne; Ekelund verblijft tijdens het evenement in Brazilië. Op het WK van 2014 eindigde het Nederlands elftal als derde, wat er ongetwijfeld aan heeft bijgedragen dat deze briefwisseling in Nederlandse vertaling is verschenen. Maar de voornaamste reden is uiteraard het kassucces van Knausgårds zesdelige boekenreeks Mijn strijd. (De in Nederland onvertaalde Ekelund komt er paratekstueel bekaaid vanaf: zijn naam is op het omslag in een veel kleiner corpsgrootte gezet en zijn foto siert alleen de achterkant.) De vergelijking met Knausgårds romancyclus dient zich aan en roept de vraag op: weet Knausgård in Uit & thuis de banale realiteit op dezelfde bezwerende wijze te beschrijven als in zijn bijna 4000 pagina’s tellende autobiografische project?

Dat voetbal het onderwerp is van de briefwisseling hoeft voor lezers die minder geïnteresseerd zijn in deze sport geen belemmering te vormen. Liefhebbers van Mijn strijd weten immers dat Knausgård in staat is zelfs de meest alledaagse bezigheden, zoals boodschappen doen of luiers verschonen, op een manier te beschrijven die zulke onderwerpen op een wezenlijke manier onderzoekt. Neem deze brief uit Uit & thuis waarin Knausgård dit vermogen van (zijn) literatuur overdenkt:

Door te schrijven ontstaat er een afstand ten opzichte van datgene waarover je schrijft, en afstand vereenvoudigt. Vorm vereenvoudigt nog meer. Als je literatuur beschouwt als een autonome eenheid is dat geen probleem, dan heeft ze geen representatieve verantwoordelijkheid. Wil je echter schrijven over het leven, dan is de vereenvoudiging een plaag, iets wat je constant moet bevechten. Dat doe je door zo dichtbij mogelijk te komen, een plek te bereiken waar alle grote lijnen, alle generaliserende, overkoepelende verbanden niet langer gelden en ongrijpbaar zijn. Voor mij is dat simpelweg de taak van de literatuur. Niet noodzakelijkerwijs in de vorm van realisme of de beschrijving van de werkelijkheid, maar als een onverzettelijk, hardnekkig aandringen op en zoeken naar de ontbinding van de structuur van wat wij weten.

Literair schrijven onderscheidt zich volgens Knausgård in de strijd tegen de vereenvoudiging die inherent is aan het schrijven. Een brief of een sportverslag kan eveneens de ontbinding van structuren beogen en in die zin ‘literair’ zijn. In Mijn strijd laat Knausgård zien dat zo’n streven echter noodzakelijkerwijs met veel pijn en moeite gepaard gaat: het is werkelijk een strijd tegen (dagelijkse) structuren. Uit & thuis is helaas goeddeels een voorbeeld van het tegenovergestelde.

Knausgård kwijt zich in Uit & thuis van de literaire opgave die hij zichzelf stelt in Mijn strijd. Dit wordt volgens hem gerechtvaardigd door het onderwerp van de briefwisseling: ‘Over voetbal praten is over niets praten.’ De gevoelens doen er alleen toe binnen de kaders van het spel.

De gevoelens die het voetbal oproept, zijn een imitatie, dat wil zeggen, de gevoelens zijn wel echt, maar ze verplichten tot niets, zijn niet verbonden met een reële werkelijkheid, maar met een werkelijkheid die voor ons bedacht is.

Daarom is schrijven over voetbal een contradictio in terminis: ‘Op het moment dat het plaatsvindt, is het al verdwenen. Niets is blijvend in voetbal.’ Schrijven legt deze ‘niet-reële’ gevoelens vast op schrift, wat volgens Knausgård indruist tegen waar voetbal wezenlijk over gaat.

Hij laat deze voetbalgevoelens – die grotendeels neerkomen op vooroordelen over deelnemende landen en individuele spelers – de vrije loop, zonder verdere reflectie. Hij kan Arjen Robben, ook volgens hem ontegenzeggelijk een van de sterspelers van het WK, niet uitstaan:

Het is onrechtvaardig, onlogisch, irrationeel, maar in tegenstelling tot bijna alle andere oordelen die ik geef als ik schrijf, hoef ik dit niet te onderbouwen. Het is voetbal, ik mag vinden wat ik wil, het is mijn privilege als toeschouwer.

Zoals Knausgård in zijn romancyclus laat zien, kan literatuur een manier zijn om zulke irrationele gevoelens te onderzoeken of een poging zijn om geconstateerde tegenstellingen op te heffen. In Uit & thuis beziet Knausgård de wereld niet met het oog van de schrijver, maar als voetbaltoeschouwer. Hij maakt gebruik van de briefvorm door zich erachter te verschuilen. Hij schrijft dat hij zich een ‘monoculturele middenklassenman’ voelt omdat hij blij is dat Argentinië gewonnen heeft van Iran. Maar omdat Iran een ‘vrouwonvriendelijke, mensenrechtenschendende, jodenhatende en atoombombouwende staat’ is, voelt hij zich ‘onmiddellijk stukken beter’. Knausgård laat het bij deze constatering:

Omdat de brieven alleen maar voor jouw ogen bestemd zijn, heb ik van geen enkel woord spijt.

Knausgård ontdoet de door hem besproken onderwerpen van de lading die hij ze meegeeft in Mijn strijd. In Uit & thuis worden banale onderwerpen als schoonmaken, de kinderen naar school brengen of een voetbalwedstrijd kijken tot wat ze in wezen zijn: banale onderwerpen.

 

0 reacties

Aanmelden

Vooraleer u reacties kan doorzenden dient u zich aan te melden of te registreren.
Wachtwoord vergeten?