cover big

Signalement: Celan auseinandergeschrieben – Carl De Strycker

Erik De Smedt

Over Celan auseinandergeschrieben. Paul Celan in de Nederlandstalige poëzie van Carl De Strycker

Garant, Antwerpen-Apeldoorn, 2012,
ISBN 9789044129083 / 364p.

(0) reactie(s) - geplaatst op 10-08-2012

Bookmark and Share

In Ik graaf, jij graaft. Aantekeningen over poëzie schreef Wiel Kusters: ‘Zo komt bij lezing van Celans poëzie soms ook het werk van Hans Faverey in mij boven, de enige Nederlandse dichter misschien met wie Paul Celan zekere verwantschap vertoont.’ Carl De Strycker heeft voor zijn proefschrift een veel ruimer corpus van Nederlandstalige dichters samengesteld bij wie hij de sporen van Celan in kaart brengt: van Boudewijn Büch tot Mustafou Stitou, van Leonard Nolens tot Jan Lauwereyns. Met zijn karige woordgebruik, het vele wit en zijn spreken op de rand van het zwijgen zou je verwachten dat Faverey erbij is. Maar dat is buiten de strikte opvatting van invloed en intertekstualiteit gerekend die Carl De Strycker erop nahoudt. 



Die doet hij in een eerste theoretisch deel uit de doeken, in discussie met literatuurwetenschappers als Kristeva en Barthes, Genette, Riffaterre en Bloom. Dat elke literaire tekst echo’s bevat van andere literaire teksten, valt niet te betwijfelen. Dat die verwijzingen eindeloos zouden zijn, gaat De Strycker te ver. Natuurlijk staat het elke lezer vrij een auteur in het licht van een andere auteur te lezen, maar dan betreft het correspondenties, zoals Odile Heynders die tussen volgens haar verwante dichters voor de dag haalde. De Strycker wil hardere bewijzen. Pas als er expliciete vindplaatsen in een gedicht zijn die als citaat, referentie of allusie naar (het werk van) dichter X verwijzen, kun je van intertekstualiteit spreken. En pas als er intertekstuele sporen voorhanden zijn, is er kans op beïnvloeding. Die kan te maken hebben met stijl, techniek, motieven, thema’s en poëticale opvattingen. 



Dat er een heel scala aan mogelijkheden is om op basis van tekstuele elementen verbanden met Celan op het spoor te komen, demonstreert deel twee, ‘Proeven van intertekstualiteit’. Daarin bespreekt hij met een staalkaart van elf gedichten van tien dichters hoe teksten op uiteenlopende wijze de intertekst kunnen signaleren. Aan het ene uiteinde heb je duidelijk gemarkeerde citaten en expliciete verwijzingen naar de naam en zelfs de zelfmoord van Celan. Aan het andere einde is de intertekst veel meer verholen. Dan is het zaak van de lezer om via allusies en stilistische afwijkingen in het gedicht de invloed van Celan vast te stellen. Met Umberto Eco gesproken: je beweegt je op een continuüm tussen de intentio operis en de intentio lectoris.



In deel drie, ‘Zes Celan-(re)visies’, trekt De Strycker alle registers open. Het belicht de aard en de functie van de intertekst in oeuvres van dichters voor wie Paul Celan een dichterlijke vaderfiguur is geweest met wie ze hebben geworsteld – als een ijkpunt of steen des anstoots: Jacques Hamelink, Leonard Nolens, C.O. Jellema, Hans Tentije, Stefan Hertmans en Jan Lauwereyns. Iedere dichter blijkt zijn eigen Celan te hebben, al valt toch op dat de beelden die ze van de tragische dichter creëren (het verlate Holocaustslachtoffer, de zelfmoordenaar, de taalverliefde modernist, de geesteszieke …) vrij voorspelbaar zijn. 



Celan auseinandergeschrieben toont dat nieuwe ontwikkelingen in de literaire neerlandistiek – aandacht voor theorievorming en internationalisering –  uitstekend te combineren vallen met close reading en poëtica-onderzoek. Het inzetten van Harold Blooms strategieën uit The Anxiety of Influence in het proces van bewondering, overname, correctie en afschrijving blijkt vruchtbaar. Daarnaast roept de studie interessante vragen op. Hoe houdbaar zijn de steeds weer gehanteerde tegenstellingen tussen mimetische en hermetische poëzie, autonome en expressieve poëtica – in Celans werk en in dat van de hier behandelde dichters? En hoe kadert de creatieve omgang met Paul Celan in een ruimere receptiegeschiedenis in Nederland en Vlaanderen? Wie zich aangesproken voelt, hoeft niet van nul te beginnen, want Frankrijk nam het voortouw.

0 reacties

Aanmelden

Vooraleer u reacties kan doorzenden dient u zich aan te melden of te registreren.
Wachtwoord vergeten?