cover big

Brieven van Pygmalion

Jeroen van Rooij

Over Brieven aan Olga van Jan Wolkers

Bezorgd en ingeleid door Onno Blom

De Bezige Bij, Amsterdam, 2010,
ISBN 9789023455141 / 152p.

(4) reactie(s) - geplaatst op 28-06-2010

Bookmark and Share

4 reacties

Als de kwaliteit van een interpretatie kan worden afgemeten aan het aantal elementen van de literaire tekst dat ze verklaart – ook zulke die niet in de bespreking genoemd worden – dan scoort deze kritiek hoog. Ik had van de ‘Brieven aan Olga’ tot nog toe alleen het omslag gezien, en was meteen bijzonder geïntrigeerd door de portretfoto die het toont, de ‘buste’ laat ik maar zeggen. Ik weet niet of de herkomst van de omslagfoto verantwoord wordt, maar in elk geval lijkt hij me behoorlijk kunstmatig, ‘gefotoshopt’ zouden we nu zeggen. (Wat in het leven – in deze liggende positie – een zacht glooiend heuvellandschap kan zijn, lijkt hier wel – in de kunst – subliem hooggebergte.)  Toch suggereert de foto in zijn oer-gelijkstelling met ‘realiteitsweergave’ (Barthes’ ‘ça a été’) dat deze vrouw, zulke vrouw bestaan moet hebben.

Van artistieke creatie gesproken. Nog een beeld erbij, zij het niet meer helemaal op het conto van de auteur te schrijven.

In Genettes visie op de ‘paratexte’ is dit een interessant geval: ik citeer nu maar even, zomers licht,  uit het Engelse Wikipedia-lemma ‘paratext’: “a zone between text and off-text, a zone not only of transition but also of transaction: a privileged place of pragmatics and a strategy, of an influence on the public, an influence that ... is at the service of a better reception for the text and a more pertinent reading of it”.

In de opgebaarde houding behoudt de zonnende vrouw (liggend, sterfelijk) de fysieke kenmerken van de staande (springlevende). Er wordt bewust verwarring gezaaid tussen beeld (standbeeld, boegbeeld van bv. libertinisme) en een in se rustende, bescheiden teruggetrokken werkelijkheid, ‘aan de oorsprong van de kunst’. Alleen is al de oorsprong vervalst. Of zie ik dat fout?

  • Door Erik de Smedt
  • gepost op
    29-06-2010, om 12:15:47

‘Daar heb ik ook die foto van haar gemaakt waar ze op haar rug ligt in het mulle zand met wilde roosjes in haar haren die ik erin gestoken had en met haar borsten recht omhoog waarvan iemand eens vroeg: “Bestaat dat?”’, staat in Turks fruit. En in Brieven aan Olga wordt de foto toegeschreven aan Wolkers. Ik meen dat de foto ook al eerder gepubliceerd is. Werkkleding misschien, of het schrijversprentenboek van het Letterkundig museum?

Wolkers is er altijd een meester in geweest om zijn werk vol te stoppen met dit soort eigen beelden, die dan later ‘onthuld’ konden worden als een soort ‘bewijs van echtheid’. De vraag is inderdaad of het daarbij nu gaat om een geste die de authenticiteit van het werk verhoogt, of er alleen maar een schil van beelden omheen legt.

De positie van de buste lijkt me eerlijk gezegd niet zozeer aan het gebruik van photoshop toe te schrijven, als wel aan het in de jaren vijftig nog in zwang zijnde stijfsel (no pun intended) waarmee de houder wellicht behandeld is. Wel kunstmatig, niet geshopt.

  • Door Jeroen van Rooij
  • gepost op
    29-06-2010, om 11:34:05

Bedankt voor de heldere toelichting. Het is te lang geleden dat ik ‘Turks fruit’ heb gelezen. Dat pseudo-authentificerende citaat was weggedeemsterd. Foto’s werden ook vroeger wel ‘s geretoucheerd, maar stijfsel kan natuurlijk ook – met wonderbaarlijk effect in elk geval.

  • Door Erik de Smedt
  • gepost op
    29-06-2010, om 12:57:27

Het citaat zou mij ook niet opgevallen zijn als ik de foto niet gezien had. En inderdaad, ‘iemand’ had gelijk toen hij of zij vroeg “Bestaat dat?”

  • Door Jeroen van Rooij
  • gepost op
    29-06-2010, om 3:03:14

Aanmelden

Vooraleer u reacties kan doorzenden dient u zich aan te melden of te registreren.
Wachtwoord vergeten?