Deel Facebook Twitter / X LinkedIn
Een collectieve bespreking van Krekel van Annet Schaap in het kader van Welbeschouwd: workshops over literaire kritiek door Jasmijn Janssen, Jeanette Oosthoek, Anouk van der Pas, Greet Smet en Miranda Winkelman.
De lat lag hoog voor Annet Schaap om een nieuw boek te schrijven na haar succesvolle Lampje. Met dit veelgeprezen boek sleepte Schaap onder meer De Woutertje Pieterse Prijs, De Gouden Griffel, De Vlaamse Boekenleeuw en de Nienke van Hichtum-prijs in de wacht. Van Lampje werden ruim 60.000 exemplaren verkocht, verschenen vertalingen in het Engels, Frans en Duits en werd een tv-serie en een theatervoorstelling gemaakt. De verwachtingen zijn dan ook hoog nu Annet Schaap acht jaar later een jeugdroman publiceert die in dezelfde wereld als Lampje is gesitueerd. In het kader van Welbeschouwd gaan verschillende kritische talenten uit Nederland en Vlaanderen met elkaar in gesprek over Schaaps nieuwste boek. Wordt met Krekel het lange wachten beloond?
‘Ieder verhaal begint ergens. Vaak is het voordat het begint al begonnen. Het verhaal van Eliza is dat ook, allang.’ Annet Schaap neemt de lezer bij de hand en zorgt voor een zachte landing in de al bekende maar toch onbekende wereld van het nieuwe verhaal: Krekel.
Krekel is geen vervolg op Lampje, maar speelt wel in dezelfde wereld. Eliza brengt een groot deel van haar tijd door in het stadje dat we zo goed kennen van Lampje. Schaap laat ook een paar personages terugkomen, zoals meneer en mevrouw Rozenhout, Nick en juffrouw Amalia. Ze vertelt niet alleen wie deze personages zijn, maar ook wat ze doen en waarom ze dat doen.
De kleurrijke cover toont een kuststadje, twee tegen elkaar aanleunende kinderen, vijf zwanen en andere vogels. De illustratie, die Schaap ook heeft gemaakt, is prachtig en geeft al iets prijs van het verhaal, alsook de windroos op de schutbladen. We zien het kuststadje, enigszins anders, in grijstinten bij het begin van het eerste deel ‘Eliza’. Elk nieuw deel wordt voorafgegaan door zo’n pareltje dat aansluit bij de inhoud.
Eenarmige broertje
Meisje Eliza beseft dat haar stiefmoeder een toverende heks is en gaat op zoek naar haar plots verdwenen broers. Op haar zoektocht sleurt zij haar eenarmige broertje Krekel mee die stottert, uiterst onhandig is en volkomen afhankelijk is van haar. Zij voelt zich wel verantwoordelijk voor Krekel maar volgt zwijgend haar eigen weg. Samen doorstaan zij verschillende angstige hindernissen, soms verdwijnt bij Eliza de moed in de schoenen maar zij zal en moet met liefde en doorzettingsvermogen haar broers vinden. Na die verschillende obstakelsvindt zij zonder geld, zonder eten, zonder plan en uitsluitend op basis van een vaag advies, een schipper bereid om met De Zeemeid naar de Witte Kliffen te varen.
Krekel is een lijvig boek, maar gelukkig weet Schaap haar lezers van begin tot eind te boeien. Dat komt omdat ze een meester is in het spelen met informatie. Op het ene moment geeft ze heel bewust iets weg, op het andere moment houdt ze juist iets achter. Schaap schrijft heel beeldend. Wat er staat, zie je als lezer ook daadwerkelijk voor je. Schaaps beeldtaal is exact, zorgvuldig en zeer treffend. Zinnen als “Het huis om haar heen daverde van verdriet” raken en spreken gelijk tot de verbeelding. Schaap is overigens een kei in het geven van stemmen. Ze laat ieder personage op zijn of haar eigen manier praten. Waar Krekel bijvoorbeeld stottert en hakkelt, past Eliza zich juist aan. Als ze bij Krekel is, klinkt ze heel zelfverzekerd. Ze maakt beslissingen, hakt knopen door. Ze gedraagt zich dan echt als de oudere zus die weet wat ze aan het doen is. Zodra ze voor een volwassene staat, verandert dat. Dan weet ze zich niet altijd meer een houding te geven.
Persoonlijke groei
Krekel is een verrassend boek vol onverwachte spannende wendingen en met meerdere lagen. Schaap verbindt bijvoorbeeld de personages Eliza, juffrouw Amalia en stiefmoeder Duifje met elkaar door middel van een belangrijke overeenkomst: alle drie hebben ze in hun jeugd een gebrek aan liefde (gehad).Hun verschillende uitkomsten worden zodoende indirect duidelijk.
De vijf bevrijde zwanen staan bovendien symbool voor de jonge broers, die zich ontwikkelen tot volwassenen en daarbij met respect naar Eliza en de wereld om hen heen kijken.
De wereld van Eliza en Krekel is vergelijkbaar met de eind 19e, begin 20e eeuw, maar dan wel met een magisch-realistische laag. Het is een maatschappij met een sterk genderstereotype beeld over wat voor jongens en meisjes passend is. Dit is dan ook een rode draad. Gedurende het boek probeert Eliza meerdere malen om ‘niet meisjesachtig’ te zijn; in de innerlijke dialogen die ze met haar broers heeft, komt regelmatig terug dat ze zich anders zou moeten gedragen. Het verbreken van de vloek is dan ook een teken van verzet tegen wat meisjes ‘horen te doen’. Zelfs juffrouw Amalia voelt dat het keurslijf waar ze zich zo comfortabel in voelde toch gaat wringen. Het verhaal symboliseert bovendien de kracht van liefde en doorzettingsvermogen van Eliza, zelfs in het aangezicht van tegenspoed en angst.
Met gespreide vleugels
Schaap schildert met woorden. Met haar vertelstijl ontstijgt ze het sprookje. Haar zinnen zijn als zwanen: nu eens statig dobberend op glinsterend water, dan weer met gespreide vleugels vliegend tot ver voorbij de horizon, een enkele maal venijnig pikkend naar de personages. Het ‘typisch’ Nederlandse taalgebruik is overigens beperkt, ook Vlamingen kunnen zich goed vinden in het verhaal.
Krekel speelt aanvankelijk een bijrol, maar ontpopt zich aan het einde van het verhaal tot een zorgzame held. Zijn evolutie van stotterend, zeurderig jongetje tot ondernemer en verzorger is spectaculair. Gaandeweg neemt Schaap ons mee in een ontknoping. Zowel vanuit het perspectief van Eliza als Krekel leren we dat vroeger alles beter was. Toen Krekel nog klein was, was alles precies zoals het hoorde. Toen Eliza klein was, leefden al haar broers nog. Nostalgie keert zodoende regelmatig terug.
Familiebanden spelen daarom een centrale rol in Krekel. Het verhaal gaat over verlies en het wegstoppen van rouw. Over opnieuw beginnen, over hoop, over niet opgeven. Over jezelf zijn en er zijn voor anderen, ook als dat moeilijk is. Maar bovenal gaat het over verlangen. Verlangen naar een beter leven, naar elders, naar anders. Verlangen naar wat was, naar wat er niet meer is, naar wat kan zijn.
Gelukkig is Krekel het lange wachten meer dan waard. Krekel smaakt naar meer. Laten we hopen dat het volgende boek van Annet Schaap wat minder lang op zich laat wachten!
Deze bespreking van Krekel van Annet Schaap werd geschreven door Jasmijn Janssen, Jeanette Oosthoek, Anouk van der Pas, Greet Smet en Miranda Winkelman. Zij namen deel aan het traject Welbeschouwd van De Reactor en deBuren, een reeks workshops waarin (beginnende) recensenten elkaar hebben ontmoet op het ILFU-festival in Utrecht. Onder begeleiding van schrijver en podcastmaker Jaap Friso volgden zij een tweedelige workshop jeugdliteratuur recenseren.



Reacties
Je reactie zal pas verschijnen na controle op spam. Dat kan een paar uren of dagen duren.