Proza, Recensies

Kijken via nieuwe zichtlijnen

Gastvrijheid

Chris Keulemans

Gastvrijheid is terug van weggeweest. Niet alleen omdat de coronapandemie eindig is verklaard en de meeste mensen weer volop bezoek ontvangen. Maar vooral ook omdat zich in Oekraïne een verwoestende oorlog op ons continent voltrekt. Miljoenen mensen op de vlucht zoeken een veilig heenkomen en dit keer is de wil om hen op te vangen wijdverbreid. Schrijver en journalist Chris Keulemans merkte bij het NPO Radio 1-programma Nieuwsweekend op dat die gastvrijheid ‘ook wel een beetje selectief’ is. Vluchtelingen die er anders uitzien dan de meeste mensen in Europa worden op een hele andere manier (juist niet) welkom geheten. En bij die selectiviteit is gastvrijheid niet gebaat, weet Keulemans. De mensen die er anders uitzien ‘zijn geen vreemdeling van beroep’. En dat leer je als je eerst de tijd neemt om je gasten op hun gemak te stellen en ze te leren kennen, in plaats van direct in een ‘oplossingsmodus te schieten’.

Of misschien leer je het na het lezen van Gastvrijheid, de verhalenbundel die Keulemans tijdens de pandemie schreef. De bundel is een reflectie op en een pleidooi voor gastvrijheid ineen. Gelijk verdeeld over de wereld is het geven en ontvangen ervan niet, observeert Keulemans. In ‘zones waar het met lucht en water juist minder goed gesteld is’ wordt de meeste gastvrijheid uitgedeeld, terwijl onze Europese (uit)hoek er bekaaid vanaf komt. Bij ons is gastvrijheid uitbesteed aan de welvaartsstaat, waardoor we eraan gewend zijn geraakt dat vrijwel iedere interactie ook iets voor jezelf moet opleveren.

Keulemans komt tot deze conclusie op basis van observaties gedurende zijn bereisde leven. Hij werd geboren in Tunis en reisde als kind mee met zijn ouders die als landbouwkundigen naar plekken trokken waar ze de marxistische wereldrevolutie het best konden ondersteunen. Op hun oude dag streken ze neer in Rojava, in het noorden van Syrië, waar Keulemans hen bezocht om zich te laten inspireren door het gastvrije, democratische experiment dat daar onder Koerdische vlag plaatsvond. Tussendoor reisde hij de wereld over, van het belegerde Sarajevo tot aan Indonesië en door delen van New Jersey die na 11 september 2001 door de staat werden verwaarloosd.

Ratjetoe

Op het eerste gezicht lijkt Gastvrijheid een ratjetoe van verhalen, met verwijzingen naar de wereldgeschiedenis, de Bijbel en de Koran. Maar het boek bevat ook alledaagse verhalen, over wandelen in het Amsterdamse Noorderpark, en persoonlijke vertellingen, over de studententijd en vriendschappen van de auteur. Sommige verhalen richten zich op institutionele thema’s, zoals het verhaal over hoe ongastvrij de Indiase auteur Salman Rushdie in 1993, vier jaar na de door het Iraanse ayatollah Khomeini uitgeroepen fatwa, in Amsterdam werd ontvangen.

Uiteindelijk ís de bundel misschien ook wel een ratjetoe, maar wel een met een aantal rode draden. Naast de titel van het boek zijn Keulemans zelf, migratie en de stad Amsterdam de belangrijkste elementen die herhaald worden. Amsterdam is de stad waar Keulemans woonachtig is en steeds naar terugkeert. Hij leidde er drie cultuurcentra en is er nu betrokken bij het initiatief Verdedig Noord, dat strijdt tegen gentrificatie in het noordelijke stadsdeel van de hoofdstad.

De woonplaats van waaruit Keulemans zoveel is uitgevlogen, is begin- en eindpunt. Hij verhaalt over zijn studentenleven waarin hij zoekende was in de Amsterdamse krakerswereld en – in zijn eigen woorden – geen ‘vastomlijnde persoonlijkheid’ wilde aannemen. In zijn latere leven bleek Keulemans op zijn gemak in verre hotelkamers, als onbekende tussen onbekenden. Hij verkent de kunst van gastvrijheid vanuit zijn perspectief als observator, luisteraar en vragensteller die graag de buitenstaander is.

Niet veel belangrijkers dan boeken

Een ander vertrekpunt in de zoektocht is De Verloren Tijd, de tweedehandsboekwinkel die Keulemans op zijn eenentwintigste opende in de Nederlandse hoofdstad. In het souterrain van de naar Michel Prousts romancyclus vernoemde winkel organiseerde hij literaire avonden, waarbij het publiek op witte klapstoeltjes zat. In de winkel zelf paste hij de muziek aan op de bezoekers: The Smiths voor Kaváfis-lezers en André Hazes voor de liefhebbers van boeken uit de reeks Privé-domein. ‘De jongen die nauwelijks wist wat thuis betekende bouwde een huiskamer’, schrijft Keulemans over de plek, die hij eerder in De Gids omschreef als ‘een alibi om te leven alsof er in de wereld niet veel belangrijkers bestond dan boeken’. Vier decennia en evenveel verhuizingen later bestaat Perdu, een literair centrum met veel aandacht voor poëzie, nog altijd.

In het proza van Keulemans komt duidelijk naar voren dat hij veel met poëzie bezig is geweest. Gras op verlaten Balkandorpjes ‘groeit als boshaar’, Mosul is ‘als een maankrater opgeslokt’ door de terreur van IS en terwijl hij slag leverde met de bureaucratie om de Tolhuistuin te maken tot de plek die hij voor ogen had, toeterde en ronkte zijn hoofd ‘als een kruispunt in Jakarta’. Een vriend die op sterven ligt ‘flirt met de nonnetjes in de hemel’ en herinneringen van voor de oorlog hangen ‘aan de waslijn van de herinnering’.

Na De Verloren Tijd begon Keulemans gastvrijheid vooral te bestuderen via zijn vrienden, wier wieg meer dan eens over de Nederlandse landsgrens staat. Als directeur van debatcentrum De Balie bevriendde Keulemans acteurs, theatermakers en muzikanten uit het door oorlog verscheurde Joegoslavië. Ze reikten hem ‘nieuwe zichtlijnen’ aan door hun eigen culturele bagage en horizonten mee te nemen naar Nederland. Zo vergroten migranten de mentale ruimte van een ontvangende samenleving, is Keulemans’ overtuiging.

Structuren achter migratie

De verhalen in Gastvrijheid spelen op plekken waar mensen vertrekken, achterblijven en aankomen. ‘Het verhaal van waar ik woon krijg ik alleen rond door op reis te gaan’, zegt hij daarover. Door beide kanten van de migratiemedaille te belichten met een mozaïek van verhalen komt Keulemans tot een doordachte, complete kijk op migratie, die dwars op de tijdgeest staat, als je de dominante geluiden in het publieke debat tenminste gelijk kan stellen aan de tijdgeest. Buiten de mainstreamdebatten in politiek en media wordt natuurlijk al langer uitgebreid op een meer gelaagde manier nagedacht over migratie, voorbij de simplistische goed-fout-dichotomie.

Mensen staan altijd centraal in de verhalen, maar Keulemans heeft ook oog voor de processen rondom migratie en conflict. De verhalen zijn wars van cynisme, maar tegelijkertijd realistisch over hoe de wereld in elkaar steekt. Op menselijk niveau en in de kunsten gebeuren mooie dingen, maar zodra instituties een bepaalde macht verwerven, is het uit met de pret. Dan worden sleutelwoorden als reconciliation en peacebuilding in logo’s van internationale donoren opgenomen om subsidies veilig te stellen, zoals onder meer na de oorlog op de Balkan gebeurde. Inmiddels is optimisme er een scheldwoord geworden en klinken de termen waarmee organisaties massaal naar de Balkan toogden leger dan ooit. 

Keulemans wil weten hoe het er nu voorstaat en gaat terug, voorbij de beleefdheidsfaçade, zoals hij dat noemt. In Tunesië ‘slaan ze de bootjes terug’, maar in Kosovo ‘gooien ze een sleepnet uit’, concludeert hij in 2019. De interesse die internationale organisaties in Kosovo toonden net na de oorlog is weggeëbd. Jonge, welbespraakte, liefst vrouwelijke bewoners worden door het sleepnet met een studiebeurs of baan opgevist, en minder kansrijken blijven achter in ‘stadjes die te wachten liggen op helemaal niets’.

Het is inmiddels ruim twee decennia na de oorlog. Maar tijdens de oorlog, toen Keulemans zijn vriendschappen op de Balkan sloot, verzamelde hij ook verhalen die lessen over gastvrijheid en migratie met zich meebrengen. Als hij in het belegerde Sarajevo bij een bevriende theatermaker op bezoek is, staan de tafels vol met lekkernijen. Zelf iets meebrengen of vragen hoe dat kan te midden van de oorlog is uitdrukkelijk niet de bedoeling. Volgens Keulemans heeft dat te maken met ‘de uitgesproken weigering om slachtoffer te zijn’, vertelt hij in een interview naar aanleiding van het boek.

Huiskamers lezen

Jaren later zit hij in Nederland aan tafel met vrienden die de oorlog ontvlucht zijn. Hij leert hun huiskamers te lezen, waarin mensen allemaal op hun eigen manier met het verlies van hun thuis omgaan. Ook hier zijn ze niet zielig, maar kampen ze simpelweg met een trauma, waar buitenstaanders in de nieuwe samenleving zich maar moeilijk in kunnen inleven. Aan geromantiseer doet Keulemans niet, daarvoor kent hij de verhalen te goed. Hoe zwaar ze ook zijn, er klinkt altijd een zekere veerkracht in door. Voor mensen uit landen waar het met lucht en water minder goed gesteld is, is het moeilijk die veerkracht aan te spreken vanuit een flatje in de Rotterdamse wijk Spangen, in een land dat gastvrijheid verleerd is.

De integratie in nieuwe samenlevingen – die altijd met vallen en opstaan verloopt – en de veerkracht zijn zaken die Keulemans scherp observeert in de levens van migranten. Via zijn vrienden worden de lezers van zijn verhalen er deelgenoot van, waardoor het lezen van Gastvrijheid een waardevolle oefening in empathie blijkt, in tijden waarin zowel gastvrijheid als migranten steeds verder onder druk zijn komen te staan. Niet toevallig zijn beide onlosmakelijk met elkaar verbonden, zo blijkt uit Keulemans’ verhalen: aan de Europese buitengrenzen, maar ook in de aan de randen van onze samenleving weggestopte asielzoekerscentra en huisvesting voor arbeidsmigranten.

Columnist Floor Rusman sprak onlangs in NRC de vrees uit dat de coronapandemie landen met individualistische culturen als Nederland nog minder gastvrij zal maken. Er is besmettingsangst in het sociale verkeer gekropen. ‘Dat de mensen die tóch al niet gek waren op ongenode gasten, nu een excuus hebben ze buiten de deur te houden; en dat de wél gastvrije mensen hun onbevangenheid verliezen.’ Keulemans is wat dat betreft koppig optimistisch, al was het maar omdat ‘we de wereld niet meer kunnen terugduwen als bootjes naar de Tunesische kust’. Volgens hem moeten we de luiken niet naar beneden trekken, maar ze júíst nu openen. Hij roept mensen op te leven naar zijn eigen adagium: ‘Stap eens ergens binnen waarvan je denkt, hier hoor ik niet.’

Een recensie over Gastvrijheid van Chris Keulemans door Tan Tunali.

Jurgen Maas, Amsterdam, 2021
ISBN 9789491921940
244p.

Geplaatst op 10/05/2022

Tags: culturen, gastvrijheid

Categorie: Proza, Recensies

Reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Je reactie zal pas verschijnen na controle op spam. Dat kan een paar uren of dagen duren.